In het Belgisch Staatsblad van 10.04.2014 is het KB van 09.03.2014 tot wijziging van een aantal bepalingen inzake interne diensten en eerste hulp met betrekking tot lichte ongevallen en bijscholing van hulpverleners, gepubliceerd.

Licht arbeidsongeval: nieuw begrip en registratie

Binnen de Arbeidsongevallenwet wordt nu een nieuw begrip ingevoerd: het licht arbeidsongeval. Hieronder wordt verstaan: “een ongeval dat niet leidt tot loonverlies of arbeidsongeschiktheid en waarvoor geen tussenkomst van de geneesheer nodig was, maar alleen zorg die pas na het ongeval werd toegediend op de plaats van uitvoering van de arbeidsovereenkomst”.

Vermelding in het EHBO-register 

Voor zulke lichte arbeidsongevallen geldt er geen aangifteplicht op voorwaarde dat deze genoteerd zijn in het EHBO-register. Mocht een kleine verwonding gaan zweren en toch door een arts moeten worden verzorgd, dan moet het ongeval alsnog als arbeidsongeval aan de verzekeraar worden aangegeven.

De werknemer die de interventie doet in het kader van de eerste hulp, moet een aantal elementen in het EHBO-register noteren. Deze reeks elementen wordt door artikel 1 van het KB van 9 maart 2014 duidelijker omschreven en aangevuld, omwille van hun bewijswaarde in het kader van de arbeidsongevallenverzekering:

  • de naam van de hulpverlener
  • de naam van het slachtoffer
  • de plaats, datum, uur, beschrijving en de omstandigheden / oorzaken van het ongeval of het onwel worden,
  • aard van de kwetsuren
  • type en middelen van eerste hulp, eventuele opvolging
  • de aard, datum en uur van de interventie
  • de identiteit van eventuele getuigen

Er moet dus steeds een spoor van het lichte ongeval terug te vinden zijn, hetzij via de registratie, hetzij via de aangifte bij de verzekeraar.

Opname in het jaarverslag van de interne preventiedienst 

Om te vermijden dat lichte arbeidsongevallen uit de statistieken zouden verdwijnen, worden ze ook opgenomen in het jaarverslag van de interne preventiedienst.

Jaarlijkse bijscholing voor hulpverleners

Als algemene regel blijft behouden dat hulpverleners jaarlijks bijscholing moeten volgen. Artikel 2 van het KB van 19 maart 2014 bepaalt echter dat een EHBO-bijscholing om de twee jaar kan plaatsvinden, op voorwaarde dat de werkgever, op basis van de voorafgaande risicoanalyse, en na voorafgaand advies van onder andere de arbeidsgeneesheer, aantoont dat dit geen afbreuk doet aan de kennis en vaardigheden waarover de hulpverleners moeten beschikken.

Als een hulpverlener niet kan deelnemen aan een bijscholingssessie, heeft hij 12 maanden tijd om een andere bijscholingssessie te volgen. Wanneer een werknemer bv. een bijscholingssessie zou volgen op 10 februari 2014, maar op die datum afwezig is wegens ziekte, dan moet hij een andere bijscholingssessie volgen, ten laatste op 10 februari 2015, zo niet wordt hij niet langer vermoed op te treden als hulpverlener in het kader van het KB van 15 december 2010.

Nieuwe wetgeving EHBO

Bekijk alle nieuwsberichten