De nieuwe asbestregels voor eenvoudige handelingen zijn een hele boterham. Daarom gaan we in op drie specifieke aandachtspunten: de verplichting tot het dragen van motor aangedreven volgelaatsmaskers, het plaatsen van een douchte en de risicoanalyse.
1. Enkel nog motor aangedreven volgelaatmaskers?
Ook op het vlak van preventie en beschermingsmiddelen wordt de lat voor eenvoudige handelingen een stuk hoger gelegd. Een motoraangedreven volgelaatsmasker met P3 filter is als de regel te beschouwen.
De regelgeving bij eenvoudige handelingen laat -in theorie- nog een opening om, in zeer uitzonderlijke gevallen, op basis van een door metingen ondersteunde risicoanalyse aan te tonen dat het dragen van een motoraangedreven volgelaatsmasker met P3 filter, kan vervangen worden door een evenwaardig of beter alternatief.
Toch maakt de combinatie van de verlaagde grenswaarde, het principe van ‘de stand van de techniek’ het in de praktijk quasi onmogelijk, om het gebruik van lichtere ademhalingsbescherming, zoals halfgelaatsmasker, of wegwerpmasker FFP3 nog overtuigend te verantwoorden.
Het is wel essentieel dat dit persoonlijke beschermingsmiddel afgestemd is op de gebruiker. Aangezien een face fit test van een bepaald type en grootte van masker bij de ene persoon een beter/slechter resultaat kan geven dan bij een andere persoon. Het is aangewezen om elk masker een uniek nummer te geven en toe te wijzen aan een vaste gebruiker. Dit nummer kan dan ook op het face fit report staan om de link tussen masker en gebruiker te garanderen.
Bij gebruik van een nieuw masker moet ook een nieuwe face fit test uitgevoerd worden. Maskers mogen dus ook niet doorgegeven worden aan een collega.
2. Douche verplicht bij eenvoudige handelingen?
De regelgeving vertrekt van het principe dat ook bij eenvoudige asbestwerken douches worden voorzien. De (driecompartimenten)douche vormt de regel: een vuil sas (uittrekken van besmette kledij), een tussenafdeling met douche en tot slot een proper sas (aankleden). Alleen indien uit een conforme risicoanalyse blijkt dat douches niet vereist zijn, kan hiervan worden afgeweken.
Een risicoanalyse kan enkel besluiten dat het voorzien van douches niet vereist is, wanneer zij op objectieve en onderbouwde wijze aantoont dat de functie van de douche – namelijk de volledige decontaminatie van de werknemer – niet nodig is voor de concrete werkzaamheden.
Dit veronderstelt dat er geen reële of potentiële kans bestaat op verontreiniging van de werknemer met asbestvezels, ook niet bij een incident-scenario. Factoren zoals de korte duur van de werken, het sporadische karakter, werken in open lucht of het dragen van motor aangedreven ademhalingsbescherming volstaan op zich niet om af te wijken.
Zodra er een mogelijke kans bestaat op contaminatie van huid, kledij of PBM’s, blijft de douche vereist, wat verklaart waarom de douche als de regel wordt beschouwd en de uitzondering slechts zeer beperkt toepasbaar is.
Een douche moet worden genomen na elke werkbeurt waarbij reële of potentiële contaminatie met asbestvezels kan optreden, en dus niet enkel op het einde van de dag. Bij opeenvolgende werkbeurten zonder onderbreking kan één douche op het einde volstaan, voor zover geen nieuwe blootstelling optreedt.
Klimatologische omstandigheden en fysieke inspanning (bv. warmte, zweten) moeten in de risicoanalyse worden meegenomen, aangezien zij het risico op vezelhechting aan huid en kledij verhogen.
De regelgeving legt geen algemene verplichting tot absolute filtratie of specifieke waterzuiveringsinstallaties op. Wel moet het afvalwater worden afgevoerd conform de geldende regionale milieureglementering.
3. De risicoanalyse
Voor asbest eenvoudige handelingen is een taak‑ en blootstellingsgerichte risicoanalyse aangewezen (artikel VI.2‑3) , waarbij systematisch rekening wordt gehouden met alle mogelijke blootstellingswegen (inclusief huidcontact), en met de noodzaak om blootstelling aan kankerverwekkende stoffen maximaal te vermijden.
Per handeling worden de risico’s in kaart gebracht:
o welk asbesthoudend materiaal kunnen aanwezig zijn (zie inventaris),
o in welke toestand dit zich bevindt,
o welke handelingen het asbest materiaal kunnen verstoren,
o en welk blootstellingsniveau daaruit kan voortvloeien, aard – intensiteit en duur.
Denk ook aan een matrix die expliciet zijn opgebouwd rond de werkmethodes bv. boren, verwijderen, reinigen, andere werken in de nabijheid…
De frequentie en duur van de rustpauzes wordt bepaald op basis van de resultaten van de risicoanalyse. Bij deze risicoanalyse moet ook rekening worden gehouden met de invloed van overmatige warmte, e.d. in combinatie met het werken met een volgelaatsmasker of bijvoorbeeld het dragen van een valharnas bij het werken op hoogte. En ja, deze rustpauzes worden beschouwd als arbeidstijd.
De risicoanalyse moet minstens jaarlijks herhaald worden en telkens opnieuw bij elke relevante wijziging van de omstandigheden. De risicoanalyse moet volledig documenteerbaar zijn, zodat de onderliggende verslagen en elementen ter beschikking kunnen worden gehouden van de toezichthoudende ambtenaren.
Hulp nodig
Is uw bedrijf te klein om een fulltime preventieadviseur in dienst te nemen? Of komt u als zaakvoerder tijd te kort om het werk uit te voeren zoals je zou willen? 4 safe helpt bij het maken van de risicoanalyses of het uitwerken van de nodige documenten. Contacteer 4safe voor ondersteuning.
Meer weten